Een leven in muziek

Jan van Dijk werd geboren op 4 juni 1918 in Oostzaan. Al op jonge leeftijd bleek dat muziek een centrale rol in zijn leven zou spelen. Als kind kreeg hij pianoles en ontwikkelde hij zich snel. In zijn tienerjaren breidde hij zijn studie uit met viool en begon hij zelfs al met componeren. Die eerste stukken vernietigde hij later — een teken van zijn kritische houding en drang naar ontwikkeling.

In 1935 begon een nieuwe fase. Aan de muziekschool Toonkunst in Rotterdam verdiepte hij zich verder in piano en compositie. Hier maakte hij ook kennis met de invloedrijke componist Willem Pijper, die een belangrijke leermeester zou worden. Van Dijk studeerde vervolgens aan het Rotterdams Conservatorium, waar hij zich ontwikkelde tot een veelzijdig musicus: pianist, violist, altviolist, componist en dirigent. Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog bleef hij studeren bij Pijper en begon hij tegelijkertijd les te geven. Wat volgde was een indrukwekkende onderwijsloopbaan. Van Dijk doceerde tientallen jaren aan verschillende conservatoria, waaronder in Rotterdam, Tilburg, Den Haag en Amsterdam. Hij gaf vakken als harmonie, contrapunt, analyse en compositie, en vormde daarmee generaties jonge musici.

Maar zijn werk beperkte zich niet tot het leslokaal. Vanaf de jaren dertig tot diep in de jaren negentig was hij actief als uitvoerend musicus: als organist, dirigent en begeleider van koren en orkesten. Daarnaast schreef hij als muziekrecensent voor kranten en tijdschriften en leverde hij bijdragen aan diverse publicaties.

Ook organisatorisch en bestuurlijk speelde hij een grote rol in het Nederlandse muziekleven. Hij was jurylid bij examens en wedstrijden, gaf lezingen, en vervulde talrijke functies binnen culturele organisaties. Bovendien stond hij aan de wieg van verschillende initiatieven, zoals muziekverenigingen en orkesten.

Het componeren bleef echter de rode draad in zijn leven. Jan van Dijk liet een uitzonderlijk groot oeuvre na: maar liefst 1264 werken. Daarin vinden we symfonieën, strijkkwartetten, pianosonates en talloze andere composities. Hij schreef voor orkest, koor, orgel, kamermuziekensembles, ook voor symfonisch blaasorkest en zelfs voor bijzondere bezettingen zoals een Concerto voor pianola en symfonieorkest. Ook experimenteerde hij met vernieuwende muzieksystemen, zoals 31-toonsmuziek.

Opvallend is zijn brede blik: hij componeerde zowel complexe werken als toegankelijke muziek voor amateurmusici. Zo wist hij een groot en divers publiek te bereiken. Zijn toonzetting van alle 150 Psalmen voor verschillende a capella-koorvormen is daar een bijzonder voorbeeld van.

Voor zijn werk ontving hij meerdere belangrijke onderscheidingen, waaronder tweemaal de Visser Neerlandia-prijs en de Willem Pijper-prijs. Ook werd hij geëerd met culturele prijzen van de provincie Noord-Brabant en het ereburgerschap van Gouda.

Jan van Dijk overleed op 25 november 2016 in Zwijndrecht, 98 jaar oud. Hij liet niet alleen een enorme hoeveelheid muziek na, maar ook een blijvende invloed op het Nederlandse muziekleven — als componist, docent en inspirator.

Een leven samengevat

Een bijna eeuw omvattend leven, volledig in het teken van muziek: van jonge leerling tot meester, van docent tot componist met een ongekend oeuvre. Jan van Dijk behoort tot die zeldzame figuren die niet alleen muziek maken, maar ook het muzikale landschap zelf helpen vormgeven.